In september verschijnt In mijn bloed, het debuutalbum van Roxeanne Hazes. Het schrijven was voor haar therapeutisch. Zelfs haar moeders inzinking kon niet voorkomen dat ze zich nu als herboren voelt. ‘Je moet niet ook ongelukkig worden omdat je moeder dat is.’ In een interview met VIVA vertelt ze alles over haar nieuwe album, haar moeder en haar vorige relaties.

More content below the advertising

Wie heeft er bij jou voor gezorgd dat je jezelf niet meer durfde te uiten?

‘Ik heb een aantal nare ex-vriendjes gehad. Van eentje, ik was toen achttien, kreeg ik elk weekend klappen. Blind van liefde dacht ik dat het aan mij lag. Die ervaring heeft lang mijn zelfvertrouwen aangetast. Nadat ik een einde maakte aan die relatie, ging ik in therapie. Eindelijk kon ik alles vertellen. Dat had ik uit schaamte nooit eerder gedaan.’

Maakte hij jou onzeker?

‘Ja, heel erg. Als ik iets at, lachte hij me uit en noemde hij me dik. Ik heb op mijn vierentwintigste al best een bewogen leven gehad. Omdat ik dat zat was, wilde ik schrijven over alle mensen die me pijn hebben gedaan. De beste wraak. En dan maar hopen dat ze zich aangesproken voelen, haha. Het voelt als een soort mentale grote schoonmaak.’

Je beëindigde vorig jaar een relatie 
van vijf jaar en vond je grote liefde in Erik Zwennes, die je na drie maanden ten huwelijk vroeg.

‘Mijn vorige vriend was een fijne jongen op wie ik niets kan aanmerken. Ik kende Nick al vanaf mijn achtste en zocht na die nare relatie bescherming bij hem. We bleken te verschillend en konden elkaar daardoor niet gelukkig maken. Het was een grote stap om een einde aan onze relatie te maken. Ik vond Erik, met wie ik samenwerkte bij Top Notch, toen al leuker dan hoorde. Al waren we nog ‘gewoon’ vrienden. Eenmaal vrijgezel sloeg de vonk snel over. Hij is mijn grote liefde. Ik heb nu het gevoel dat ik echt leef.’

Lees het hele verhaal in VIVA.