Ferdinand Grapperhaus maakte een persoonlijk drama door: vorig jaar oktober koos de grote liefde van de minister van Justitie en Veiligheid zelf voor de dood, kort nadat ze te horen kreeg dat ze ongeneeslijk ziek was...

Maagkanker

Begin september 2016 werd er bij Ferdinand Grapperhaus’ vrouw Florentine maagkanker ontdekt, in een vergevorderd en ongeneeslijk stadium. Op zijn blog schreef de minister van Justitie en Veiligheid: ‘Omdat de dokter zei dat mijn vrouw niet moest wachten met de dingen die ze nog zou willen doen, zijn we met het hele gezin spoorslags naar Frankrijk afgereisd, al het werk en verdere dagelijkse leven achter ons latend. Alles was al opgeborgen voor de winter, twee zoons halen de barbecue uit de schuur, twee schoondochters vegen de pijnboomnaalden van het terras. Nog een zoon en dochter zetten tafel en stoelen buiten. Zelf kom ik er niet al te gemakkelijk af. Mijn vrouw zegt dat ze graag zou willen dat ik de natuurstenen muur afbouw tegen de berg aan de achterkant.’

Verantwoordelijkheid

Maar het muurtje afbouwen was niet de enige verantwoordelijkheid voor Ferdinand. Zijn vrouw had hem al laten weten geen lang ziekbed te willen hebben. Wetende dat ze deze ziekte niet zou overleven, wilde ze euthanasie. ‘Van de huisarts moest ik op de website van de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillige Euthanasie op zoek naar een euthanasieverklaring voor mijn vrouw,’ vertelt Grapperhaus, toen nog partner van een groot advocatenkantoor in Amsterdam, op zijn blog. ‘Maar het eerste wat ik op de site tegenkwam, was een overzicht: de voordelen van euthanasie. Ik stopte met lezen. Voordelen. Zover was ik nog niet. Maar mijn vrouw had wel al besloten, dus moest ik doorlezen, en ervoor zorgen dat de verklaring werd uitgeprint en zij die kon lezen en tekenen. Het is het dilemma van iedere achterblijver. Je wilt geen stap zetten richting het afscheid voor altijd, maar je moet de ander daar juist bij helpen als je van haar houdt. En de ander die ondraaglijk lijdt, heeft recht op de dood, hoe hard dat ook klinkt.’ 

Onvoltooid leven 

Minister Grapperhaus wilde het verhaal van Florentine delen in het boek Onvoltooid Leven. Het is momenteel echter niet zeker of die ode aan zijn vrouw daadwerkelijk wordt uitgegeven. Onlangs stond de minister in zijn blog stil bij zijn overleden grote liefde: ‘Vorige week was mijn vrouw een jaar geleden overleden, en drong het besef bij mij door dat ik haar dus ook al een jaar niet heb gesproken of echt gezien.’ 


Beeld: ANP

Nadat zijn vorige relatie was stukgelopen, werd Martijn Fischer (50) snel verliefd op de 21 jaar jongere Ingeborg Helden. Het was liefde op het eerste gezicht en vorig jaar spraken de twee al over samenwonen. Maar Martijn heeft deze plannen nu overboord gegooid. Wel wil hij graag een kind met haar.

Baby voor Martijn Fischer

Martijn, die op dit moment in de bioscoopfilm Gek van Oranje te zien is, heeft wel een andere grote wens. ‘Ik hoop nog een keer vader te worden. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat het ouderschap het mooiste is wat je kan overkomen. Met mijn 
ex-vrouw Eva heb
 ik twee zoontjes van elf en veertien jaar. We hebben co-ouderschap en dat gaat heel goed. Om die reden wil ik ook in Utrecht blijven wonen. In de buurt bij mijn kinderen. Aan hen heb ik ook gevraagd of ze het leuk zouden vinden om nog een broertje of zusje te krijgen. Ik was bang dat ze het gek zouden vinden als hun vader nog een keer papa zou worden. Maar zij staan er helemaal achter.’ 

Lees het hele verhaal in editie 8. Nu in de winkel.

Beeld: Peter Smulders

Ferry Maat vertrekt 
voorgoed uit Nederland! Met zijn vrouw Lenny 
gaat hij op Bonaire wonen. De radio-dj volgt hiermee zijn hart. Maar Ferry heeft 
ook gemengde gevoelens, omdat hij zijn 100-jarige moeder moet achterlaten...

Ferry maakt zich wel zorgen om zijn moeder. ‘Mijn zoon redt zich wel met zijn gezin, maar mijn moeder van 100 laat ik ook achter. Voor haar is het moeilijk dat ik vertrek. Even op de koffie komen gaat straks niet meer. Lenny en ik hebben daarom een recreatiewoning gekocht waar we kunnen verblijven als we in Nederland zijn om onder anderen mijn moeder te bezoeken.’