Zanger Dennie Christian (61) kan het werk nauwelijks aan sinds hij afgelopen zomer aan De beste zangers van Nederland meedeed. Dat was een paar jaar geleden wel anders, vertelt hij openhartig aan Story. ‘Ik was bang dat mijn carrière voorbij was en raakte in een depressie waarvoor ik opgenomen moest worden.’

Het gerucht gaat namelijk dat je een haarstuk draagt, een toupet. Je zou op jouw leeftijd nooit van die prachtkrullen kunnen hebben. Niets om je voor te schamen overigens.
‘Ik weet niet wie je dat heeft geprobeerd wijs te maken. Maar zeg maar dat hij of zij er helemaal naast zit. Ik ben puur natuur. Meer dan een likje verf om de maand komt er echt niet aan te pas. Ik ben helemaal tevreden met mezelf.’ 

Altijd al? 
‘Nee. Dat is iets wat ik heb geleerd in de tijd dat ik in een kliniek verbleef vanwege mijn depressie.’ 

Wanneer was dat? 
‘Vijf jaar geleden. Ik was er zó erg aan toe dat alleen een acute opname me nog kon redden. Ik kan dat gevoel dat zich toen meester van mij had gemaakt vandaag bijna niet meer in woorden uitdrukken.’ 

Probeer het eens.
‘Ik zat in zo’n donkere tunnel waar ik met geen mogelijkheid uit kon komen. Mijn hele lijf liep over van verdriet. Ik ademde treurigheid. Zag alles zwarter dan zwart. Communiceren, zeggen wat ik voelde, ging niet meer. Zelfs niet met mijn eigen vrouw. Ik kon alleen maar huilen.’

Hoe kwam dat? 
‘Het was een mix van dingen. De onzekerheid. Jezelf niet goed genoeg meer vinden. Het ouder worden en dan ook nog eens die crisis waar de wereld toen middenin zat. Ook in ons vak zorgde dat voor veel ellende. Bij mij en mijn collega-artiesten waren de optredens meer dan gehalveerd. Stond ik nog maar vijf keer per maand op het podium, in plaats van de vijftien optredens die ik normaal had. Ik begon te malen en maakte mezelf wijs dat die terugval niet te wijten was aan de crisis, maar omdat het publiek me zat was. Ik maakte het steeds groter in mijn hoofd. Op den duur geloofde ik dat het nog maar een kwestie van tijd zou zijn voordat het doek definitief zou vallen voor mijn carrière. Ik raakte zó in paniek dat ik in een depressie belandde en mijn bed alleen nog maar uit kwam als ik een optreden moest doen.’ 

Dat kon je wel?
‘O ja, dat kon ik zeker. Zodra ik op het podium stond vergat ik de treurnis en ellende. Om zodra ik weer thuis was terug te veranderen in die depressieve bak ellende. Op een gegeven moment vond mijn vrouw het welletjes en dwong ze me professionele hulp te zoeken. Een week later werd ik opgenomen in een psychiatrische kliniek waar ik op een afdeling belandde met allemaal mensen met dezelfde problemen.’ 
Hoe was dat om als bekende zanger ineens tussen wildvreemde mensen op een psychiatrische afdeling te zitten?
‘Dat maakte me niet uit – die anderen zaten daar om dezelfde redenen als ik.’ 

Je voelde je niet bekeken? 
‘In het begin wel, maar na een paar dagen was ik niet meer die artiest, maar gewoon Bernhard Althoff, zoals ik officieel heet. Dennie Christian is mijn artiestennaam.’ 

Hoe ben je de depressie de baas geworden? 
‘Door de structuur in mijn leven terug te brengen. Die was er totaal niet meer. Ik at wanneer ik honger had en sliep wanneer ik moe was. Door de teugels los te laten, was ik letterlijk de weg kwijtgeraakt. Je kunt je niet voorstellen hoe belangrijk structuur is.’ 

Je kreeg een heropvoeding? 
‘Zo kun je dat gerust noemen, ja. Ik moest alles weer leren. Elke ochtend begon de dag op hetzelfde uur. Dan ging ik de dag in met een vast schema waarin alles van minuut tot minuut was gepland. Om zeven uur ging de wekker en een halfuur later werd ik, gewassen en aangekleed, verwacht aan het ontbijt. Het klinkt gemakkelijk, maar ik kan je verzekeren dat dat een hele opgave is als je dat driekwart van je leven anders hebt gedaan. Koffie op die tijd, thee en diner zo en zo laat. Tussendoor had je dan ook nog creatieve arbeid, en sport en spel. Ik had het drukker dan in de dertig jaar ervoor! Bij het avondeten was ik bekaf, maar dan moest het avondprogramma, dat bestond uit emotionele groepsgesprekken waarin je over je problemen moest praten met medepatiënten, nog beginnen. En tussendoor moesten wij als groep ook nog allerlei huishoudelijke taken uitvoeren. Wil je geloven dat ik gewoon geen tijd had om me depressief te voelen?’  

Dus het hielp? 
‘En of! Na een paar weken voelde ik de blijdschap in mijn lijf terugkeren en na nog eens zes weken mocht ik de inrichting alweer verlaten. En na vijf jaar pluk ik nog steeds de vruchten van die behandeling. Ik durf van mezelf te zeggen dat ik een gelukkig mens ben.’ 

Lees het hele interview in Story. Editie 46 ligt nu in de winkel.

Beeld: Peter Smulders

Nadat zijn vorige relatie was stukgelopen, werd Martijn Fischer (50) snel verliefd op de 21 jaar jongere Ingeborg Helden. Het was liefde op het eerste gezicht en vorig jaar spraken de twee al over samenwonen. Maar Martijn heeft deze plannen nu overboord gegooid. Wel wil hij graag een kind met haar.

Baby voor Martijn Fischer

Martijn, die op dit moment in de bioscoopfilm Gek van Oranje te zien is, heeft wel een andere grote wens. ‘Ik hoop nog een keer vader te worden. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat het ouderschap het mooiste is wat je kan overkomen. Met mijn 
ex-vrouw Eva heb
 ik twee zoontjes van elf en veertien jaar. We hebben co-ouderschap en dat gaat heel goed. Om die reden wil ik ook in Utrecht blijven wonen. In de buurt bij mijn kinderen. Aan hen heb ik ook gevraagd of ze het leuk zouden vinden om nog een broertje of zusje te krijgen. Ik was bang dat ze het gek zouden vinden als hun vader nog een keer papa zou worden. Maar zij staan er helemaal achter.’ 

Lees het hele verhaal in editie 8. Nu in de winkel.

Beeld: Peter Smulders

Ferry Maat vertrekt 
voorgoed uit Nederland! Met zijn vrouw Lenny 
gaat hij op Bonaire wonen. De radio-dj volgt hiermee zijn hart. Maar Ferry heeft 
ook gemengde gevoelens, omdat hij zijn 100-jarige moeder moet achterlaten...

Ferry maakt zich wel zorgen om zijn moeder. ‘Mijn zoon redt zich wel met zijn gezin, maar mijn moeder van 100 laat ik ook achter. Voor haar is het moeilijk dat ik vertrek. Even op de koffie komen gaat straks niet meer. Lenny en ik hebben daarom een recreatiewoning gekocht waar we kunnen verblijven als we in Nederland zijn om onder anderen mijn moeder te bezoeken.’