In juni van dit jaar maakte André van der Toorn bekend dat hij kanker heeft. Een tumor in zijn rug met uitzaaiingen naar de lymfeklieren. Artsen lieten hem geen prognoses weten, maar de SBS6-presentator blijft hopen op een goede afloop. Voor het eerst vertelt André over de moeilijkste tijd uit zijn leven, waarin hij en zijn partner ook nog uit elkaar gingen…

More content below the advertising

Half december weet ik meer.’ Deze weken leeft André van der Toorn (55) in spanning en onzekerheid toe naar het moment dat hij in het ziekenhuis een scan krijgt. Dan wordt duidelijk of alle behandelingen tegen de kanker in zijn lichaam hebben geholpen. Nog altijd is de SBS6-presentator verbaasd over hoe snel het proces is verlopen. ‘Het ene moment denk je kerngezond te zijn, om vervolgens te horen dat je een tumor in je rug hebt met uitzaaiingen naar de lymfeklieren.’ Begin juni dienden de eerste vage klachten zich aan. ‘Ik was aan het draaien voor het programma Van Onze Centen en ik voelde me intens moe,’ vertelt André.

Helse rugpijnen

‘Maar ik schonk er geen aandacht aan. Iedereen is immers weleens moe. Zeker als je lange dagen maakt. Dus dat vond ik niet bijzonder. Totdat ik op een ochtend wakker werd met helse rugpijnen. Ik kon nauwelijks nog lopen, maar besloot toch naar een congres in Griekenland te gaan. De pijn werd echter steeds erger. Tijdens de terugvlucht naar Amsterdam kon ik niet meer zitten. Ik moest blijven staan. Maar mijn benen hadden de kracht niet meer om mij te laten staan. Ik stond in het gangpad en steunde met mijn armen op de stoelen. Het was een hel. In het VU Medisch Centrum in Amsterdam hebben ze een week lang onderzoeken verricht. Aanrommelen, noemde ik het. Want er kwam echt niets uit. Totdat ze die ene scan deden. Ik bleek een enorme tumor in mijn rug te hebben. De artsen wilden geen moment wachten. Diezelfde nacht nog ben ik geopereerd.’ 

Uitbehandeld

Hoewel André positief is over de behandeling en de afloop, zijn er toch momenten dat hij zich grote zorgen maakt. ‘Artsen geven je het advies om je niet al te veel zorgen te maken. Dat doe ik natuurlijk wel. Het is een les in nederigheid en overgave. Overdag gaat het vaak wel, dan ben ik bezig. Maar ’s nachts lig ik te woelen, vooral nu die scan en 
de uitslag daarvan dichterbij komen. Dan vliegt het me aan. Ik schrik steeds wakker. Het grijpt me dan zo naar de keel. Die angst, die onzekerheid. Ik lig daar alleen. Mijn vrouw en kinderen wil ik dan niet storen. Het zijn die uren dat ik echt heel verdrietig ben. Want ik weet dondersgoed dat ik straks ook te horen kan krijgen: de kanker zit er nog steeds of ergens anders. Of de chemo heeft haar werk niet gedaan... De afgelopen maanden heb ik in het ziekenhuis zoveel patiënten gesproken, die te horen kregen dat ze uitbehandeld waren. Dat kan ook mij gebeuren.’ 

Lees het hele verhaal in Story. Editie 49 ligt nu in de winkel.

Beeld: Peter Smulders